Jagen

Als je op een warme zomeravond over de snelweg rijdt, kun je het geluk hebben dat je in weilanden, langs bosranden en struiken vrolijke konijntjes ziet huppelen, of hazen. Als je nog meer geluk hebt, zie je eens een gewei boven het hoge gras uitsteken. In het bos kun je ze ook tegenkomen. En hoe leuk is dat? Wie werd als kind niet blij van zomaar ineens een wild dier dat je pad kruiste?

Onschuldige dieren, zich onbewust van het gevaar dat altijd loert: de jager! De dieren willen niets anders dan leven en overleven, hun jongen grootbrengen en de soms zware seizoenen doorkomen.

Precieze cijfers over het aantal slachtoffers onder dieren door de jacht zijn nauwelijks beschikbaar. Om aan de aantallen te komen, moeten jagers deze gegevens aanleveren. De ene keer hebben zij er belang bij om de aantallen op te schroeven, de andere keer is het gunstiger om lagere aantallen te noemen. Erg onbetrouwbaar dus. De Dierenbescherming noemde ooit – in relatie tot plezierjacht – dat er jaarlijks zo’n 1,1 miljoen vogels en zoogdieren bij wijze van hobby en voor de consumptie bejaagd en gedood worden door ongeveer 28.000 jagers. Daarbij komen nog de naar schatting 600.000 dieren die de dood vinden in het kader van schadebestrijding en beheer door middel van afschot. Daarnaast 120.000 muskusratten door middel van verdrinking, klemmen of afschot, en een geschatte 3,4 miljoen muizen en ratten, overwegend door middel van gif. De aantallen gedode stadsduiven (vergassing) en mollen (klemmen) zijn niet bekend.

Flora- en Faunawet

Als je in Nederland over een jachtakte beschikt, en je regelt jachtrecht, mag je jagen. Zonder teveel gedoe mag je binnen bepaalde periodes jagen op wilde eenden, hazen, fazanthennen en fazanthanen, houtduiven, konijnen en patrijzen. Dit mag je doen met geweren, met jachthonden, jachtvogels, lokeenden, lokduiven, fretten en buidels.

In de Flora- en Faunawet staan zaken beschreven die de dieren een handje helpen. Je kunt je echter afvragen in hoeverre jagers daar rekening mee houden. Er staat bijvoorbeeld dat je niet mag jagen op dieren die niet voldoende veren hebben en zo niet kunnen vluchten, of op dieren die bijvoorbeeld vanwege slechte weersomstandigheden uitgeput zijn. De Flora- en Faunawet zegt ook dat je niet op fazanten en eenden mag jagen vanuit een vaartuig dat harder dan 5 km per uur vaart. Jagen mag niet in een straal van 200 meter waar voer of aas ligt om wilde dieren te lokken. De wet verbiedt ook om bijvoorbeeld op zon- en feestdagen te jagen. Er zijn nog meer voorwaarden waar een jager aan moet voldoen, maar als de jager ontheffing vraagt en krijgt, wordt daar makkelijk van afgeweken!

Meer informatie over de Flora- en Faunawet is te vinden op de site van het ministerie van Economische Zaken.

Plezierjacht

Hoe je dieren doodschieten, kunt rijmen met het woord plezier is iets dat totaal onbegrijpelijk is. Het wekt werkelijk de suggestie dat jagers er met grote grijnzen op uit gaan om voor genoegdoening zoveel mogelijk dieren dood te maken. Het overgrote deel van de Nederlandse bevolking vindt dan ook dat plezierjacht verboden zou moeten worden. Er is niets plezierigs aan het bevredigen van het menselijk ego over de rug van een weerloos dier.

In Nederland is bijna alle jacht plezierjacht. Jagers beweren vaak dat ze aan schadebestrijding doen. Niets is minder waar.

Argumenten

Argumenten van de Dierenbescherming tegen de jacht:

  • Het bejagen van dieren voor wildconsumptie is onnodig. Er is al een overproductie van vlees uit de veehouderij. Daarnaast heeft onderzoek aangetoond dat het orgaanvlees van wild afkomstig van de Veluwe zoveel zware metalen bevat, dat het volgens de normen valt onder “chemisch afval”.
  • Een groot deel van de dieren die geschoten worden, is niet bestemd voor consumptie.
  • Geschoten dieren zijn heel vaak niet direct dood. Bij de plezierjacht worden dieren door zaken als onervarenheid of jagen in het schemerduister niet goed geraakt, slaan op de vlucht en worden niet (op tijd) teruggevonden. De dieren lijden dan nodeloos veel pijn.
  • Bij overlastbestrijding worden dieren vaak gedood met middelen die onnodig lang lijden veroorzaken. Voorbeelden hiervan zijn muizen- en rattengif en de verdrinkingsvallen die gebruikt worden in de muskusrattenbestrijding.
  • Er worden dieren bejaagd in de periode dat ze jongen verzorgen. Als een ouderdier dan gedood wordt, heeft dat vaak tot gevolg dat de jongen de hongerdood sterven.
  • Niet alleen de bejaagde dieren, maar alle dieren in het jachtgebied lijden door verstoring, angst en stress, veroorzaakt door een jacht- of vangpartij. Zij worden tijdelijk uit hun territorium verdreven. Ook raken andere dieren vaak gewond door verdwaalde hagel.
  • Plezierjagers zetten dieren uit, alleen om erop te kunnen jagen. Het illegaal uitzetten van fazanten komt nog steeds voor en controle hierop is bijna onmogelijk.
  • Plezierjagers jagen uit eigenbelang op dierlijke concurrenten, zoals de vos. Dit zijn de natuurlijke vijanden van voor de jagers aantrekkelijk wild zoals hazen, konijnen en fazanten.
  • Door het jagen, het uitzetten en het bijvoederen wordt de natuurlijke inrichting van het terrein veranderd. Hierdoor wordt de natuurlijke regulering van de dierpopulaties verstoord. Ieder dier is nuttig als element in het totale ecosysteem, in zo’n systeem is geen overschot.
Schadebestrijding en beheer

Om de verkeersveiligheid te bevorderen en bijvoorbeeld om gewassen te beschermen worden in Nederland vergunningen verleend om te jagen op diersoorten die binnen de bescherming van de Flora- en Faunawet vallen. Denk dan aan edelherten, reeën en wilde zwijnen (grof wild).

Feitelijk zegt de Flora- en Faunawet over de jacht: “nee, tenzij….”, wanneer het gaat over het doden van dieren. Wat simpelweg uitgelegd kan worden als: “we doden geen dieren, tenzij al het andere dat we hebben geprobeerd om een probleem op te lossen niet is gelukt”. De schadebestrijding in Nederland gebeurt over het algemeen door hobbyjagers die jagen met geweren. Zonder echt goed te bekijken of er werkelijk schade is en of dat anders dan met het geweer opgelost kan worden, geven Nederlandse Overheden heel makkelijk vergunningen af aan genoemde hobbyjagers.

Er zijn natuurlijk tal van alternatieven om gewassen te beschermen en de verkeersveiligheid te garanderen. Denk aan de scheiding van natuur en gewassen. Of hekken langs snelwegen, ecoducten, tunnels. Stukken vriendelijker dan een jager met geweer. Helaas worden deze alternatieven amper benut, en omdat het zo eenvoudig is de Flora- en Faunawet in het voordeel van de jagers te omzeilen, delven de dieren altijd het onderspit.

Per provincie wordt een beheerplan voor fauna vastgesteld. Voor iedere diersoort in alle gebieden wordt een maximum aan dieren bepaald. Dat heet de streefstand. De tellingen van het aantal dieren per gebied wordt meestal door jagers gedaan. Zodra het aantal dieren in een bepaald gebied de streefstand overstijgt, en de zogenaamde wildstand dus te hoog is, neemt men maatregelen. Dan wordt er toestemming gevraagd en verleend om de dieren te bejagen.

Dieren zijn echter goed in staat zelf de wildstand op peil te houden. Een populatie beheert zichzelf, zonder bemoeienis van de mens. Een bepaald gebied heeft voedsel voor een bepaald aantal dieren. Zonder ingrijpen van de mens, als bijvoeren, regelt de populatie zich vanzelf. Gebleken is dat het doden van dieren ten behoeve van beheer meestal niet werkt. Bij het verliezen van jongen, werpen dieren vaak een tweede keer, of krijgen meer jongen. Dieren kennen natuurlijk ook hun territoria, een leeg gebied kan maar zo weer bezet worden.

Gevaar

Nog los van het verstoren van de natuur en wildpopulaties, de angst en stress van de bejaagde en niet-bejaagde dieren in jachtgebieden, het lijden van de dieren, het overschot aan dood wild… is jagen natuurlijk ook nog eens ontzettend gevaarlijk. Er gebeuren te vaak ongelukken waar mensen bij betrokken zijn. Soms onder jagers zelf, maar ook nietsvermoedende passanten of buurtbewoners.

Beter niet jagen!

Voor jagen op dieren zijn dus alternatieven. Het probleem is dat jagen stukken goedkoper is dan die alternatieven uit te voeren, of zelfs maar te onderzoeken. Het is duidelijk dat de jacht meer slecht dan goed doet. De natuur wordt erdoor ontwricht, populaties raken in de war en het duurt lang om weer te herstellen, Alleen maar op dieren jagen om de moordlust van jagers te bevredigen is natuurlijk onzin.

Bovendien zijn er zoveel mazen in de wetgeving dat de bescherming van dieren te wensen overlaat en de jacht feitelijk altijd door kan gaan. Je zou verwachten dat als na onderzoek blijkt dat ruim 80% van de Nederlandse bevolking vindt dat de plezierjacht moet stoppen, het niet lang meer kan duren, voordat er een streng verbod komt.

Jij kunt er sowieso voor zorgen dat jagers niet te pas en te onpas de regels overtreden. Als je iets ziet, of hoort dat iets niet klopt, meldt dit dan bij de Dierenbescherming of (indien actief in jouw regio) bij het meldpunt Misstanden Jacht (ook te bereiken via de Dierenbescherming). Wanneer klopt het niet? Als er buiten het jachtseizoen wordt gejaagd. Of als er op niet toegestane plaatsen wordt gejaagd. Ook als je ziet dat wild lijdt door toedoen van een jager, kun je dit melden! Jagers hebben de plicht om aangeschoten dieren zo snel als mogelijk uit hun lijden te verlossen, doen ze dit niet, dan zijn ze in overtreding. Melden dus!

Bronnen

Faunabescherming.nl

Dierenbescherming.nl

hetlnvloket.nl