Bijen in de natuur

In de natuur leven bijen in grote volkeren van soms wel 60.000 bijen. Bijen zijn bijzonder slimme diertjes. Ze communiceren met elkaar door het verspreiden van geurstoffen en door ‘dans’. Zo komen ze van alles te weten. Hoe oud de andere bijen in de korf zijn, hoe ze zich gedragen, waar de betere bloemen zijn, noem maar op. Op basis van die informatie nemen bijen allerlei beslissingen. Ook kunnen ze hun omgeving herkennen. Bijen kunnen namelijk visuele beelden onthouden. Ze gebruiken tijdens hun vluchten herkenningspunten om hun weg te vinden. Vernuftige beestjes toch?

Een bijenvolk kan wel 20 jaar bestaan en leeft in boomholtes. Elk volk heeft een koningin, darren en werksters. De koningin legt eitjes en zorgt voor het voortbestaan van het volk. De darren hebben als enige taak om in het voorjaar de koningin te bevruchten. Al het andere werk, zoals het maken van honing, wordt gedaan door de werksters. Honing maken is noeste arbeid. Eén werkster zal in haar hele leven ongeveer 1/12e theelepeltje honing produceren. En voor één kilo honing zijn 100.000 vluchten nodig naar ongeveer 1,5 miljoen bloemen. Honing vormt in de natuur voor bijen een belangrijke voedselvoorraad om de winter te overleven en de korf warm genoeg te houden.