Fokzeugen

Een deel van de biggen wordt niet vetgemest, maar gehouden als fokzeug. In ons land leven ongeveer 1 miljoen drachtige en kraamzeugen die op de zogenaamde vermeerderingsbedrijven voortdurend zwanger worden gemaakt om alle mestvarkens te baren die wij willen eten.

Wereldwijd worden zeugen veelvuldig hun hele zwangerschap (16,5 weken!) individueel opgesloten in ligboxen. Elke zwangerschap opnieuw. Sinds 2013 mogen varkens in Europa alleen nog de 1e 4 weken van de zwangerschap in een ligbox worden opgesloten. Het moge duidelijk zijn dat ook dit het welzijn en gezondheid van de dieren schaadt. Varkens zijn sociale dieren die een natuurlijke behoefte hebben aan soortgenotencontact. Dat is in de ligboxen niet mogelijk. In Nederland kennen we de 4-dagen eis. Varkens moeten 4 dagen na de inseminatie terug naar groepshuisvesting. Helaas betekent dit niet dat de dieren niet meer worden opgesloten.

Kraamhokken

Vanaf 1 week voor de bevalling mag de zeug namelijk in een kraamhok worden gezet. Daar wordt ze meestal zo’n 5 weken, 24 uur per dag, vastgehouden tot de biggen worden gespeend. In een gangbaar kraamhok staat de zeug tussen stangen met zo weinig bewegingsruimte dat ze zich niet eens kan omdraaien. Ze kan alleen staan en liggen, hoogstens 1 stapje voor en achteruit zetten. Ook zal ze – volledig tegen haar natuur in – op dezelfde plaats moeten slapen en ontlasten.

Wist je dat een varken in de natuur 1 á 2 dagen voor de bevalling voor haar biggetjes een nest maakt van gras, bladeren en takken? In een kraamhok kan de zeug dit instinct uiteraard niet volgen. Ondanks de wettelijke verplichting ontbreekt het bovendien meestal aan nestingsmateriaal. In een kraamhok kan de moeder haar biggen niet goed beschermen, verzorgen en opvoeden. Een enorme bron van frustratie en stress. Bovendien is er vaak onvoldoende afleidingsmateriaal. Ook zijn vloeren regelmatig nat en glad wat voor doorligwonden, klauw- en pootproblemen kan zorgen. Verder ondervindt bijna de helft van de zeugen warmtestress.

Onderzoek van de Universiteit Wageningen stelt dat de kraamhokken ernstig en chronisch ongerief veroorzaken. Het gebrek aan mogelijkheden om natuurlijk gedrag uit te oefenen, veroorzaakt bij veel zeugen abnormaal gedrag, zoals het bijten aan stangen of het zogenaamde vacuümkauwen. Meer over de problematiek rond kraamhokken kun je lezen in het rapport ‘Einde aan de kraambox’ van Varkens in Nood.

Je leven bestaat uit een aaneenschakeling van zwangerschappen

In de natuur blijven biggetjes minstens 8 weken bij hun moeder. In de vee-industrie worden de biggetjes al met 4 weken bij hun moeder weggehaald. Kort hierna wordt moeder opnieuw zwanger gemaakt. Een proces dat zich steeds herhaalt. Gemiddeld worden de zeugen zo’n 2,3 keer per jaar zwanger gemaakt. Al met al betekent dit dat de zeugen zo’n kwart van hun leven opgesloten zitten in de eerder genoemde kraamhokken. Ze krijgt circa 10 tot 12 biggetjes per worp. De aaneenschakeling van zwangerschappen vergt uiteraard veel van de dieren. Na zo’n 2 á 3 jaar zijn de zeugen ‘op’ en worden ze geslacht. Onder goede omstandigheden kunnen varkens wel 20 jaar oud worden.

Groepshuisvesting

Wanneer de fokzeugen niet in de kraamhokken verblijven, worden ze in Nederland in groepshuisvesting gehouden. De drachtige dieren moeten hier 2,25m2 oppervlakte per dier de ruimte hebben. De stallen zijn vaak kaal met minimale afleidingsmogelijkheden. De meeste dieren komen nooit buiten.

Maar, gelukkig kan het ook beter!

Het lijden van dieren valt bij het eten van vlees helaas nooit volledig te voorkomen, denk bijvoorbeeld ook aan transport en slacht. En natuurlijk wordt het dier er speciaal voor doodgemaakt, meestal op een fractie van hun natuurlijke levensduur. Je kunt daarom ook (vaker) kiezen voor een gezond en lekker plantaardig alternatief. Tegenwoordig is er gelukkig volop aanbod, ook in de reguliere supermarkten. En op internet zijn de heerlijkste recepten te vinden. Of je nu van uitgebreid koken houdt of niet, voor elk wat wils! Een plantaardig dieet is bovendien ook nog eens duurzamer, wist je dat? De veeteelt speelt namelijk een belangrijke rol bij de opwarming van onze aarde, ontbossing, water- en voedselverspilling. Meer hierover kun je lezen onder ‘Gevolgen voor de natuur‘ en ‘Gevolgen voor de wereldvoedselverdeling‘.

Wil je toch (soms) vlees eten, probeer dan in ieder geval te kiezen voor biologisch. In de biologische en biologisch dynamische landbouw hebben zeugen een kraamhok van 7,5m2 en een uitloop naar buiten van 2,5m2. Dat is zo’n vijf keer zoveel meer ruimte dan bij reguliere huisvesting. Niet zogende zeugen hebben ook weidegang. Zeugen worden gehouden in groepen en niet opgesloten. In de stallen is de vloer bedekt met stro. Er is een schuurpaal en de mogelijkheid om te wroeten. De dieren mogen hun staart houden en hun tanden worden niet afgeslepen. Er is nog steeds sprake van transport naar het slachthuis, maar niet buiten onze Nederlandse grenzen. Je kunt dit vlees herkennen aan de diverse keurmerken voor biologisch of gelijkwaardig daaraan. Dit soort vlees is uiteraard wel wat duurder. Kun je dit moeilijk opbrengen, maar vind je het wel belangrijk? Probeer dan wat minder vaak en/of wat minder grote porties te kopen. Op die manier scheelt het alweer in de prijs.

Meer informatie

Eind 2015 bracht de Stichting Varkens in Nood het rapport ‘120 Misstanden in de Nederlandse Varkenshouderij anno 2015’ uit. Dit rapport kun je hier lezen.