Ruimte

Konijnen hebben veel meer ruimte nodig dan je denkt. De hokken die je te koop ziet staan in dierenwinkels, tuincentra e.d. voldoen niet je konijn permanent in te huisvesten. Konijnen zijn veel te speels en hebben ruimte nodig om te rennen, te graven en te spelen. Een kooi/hok kan in principe nooit te groot zijn. En konijnen moeten daarnaast een groot deel van de dag vrij kunnen rondlopen.

Binnen of buiten houden?

Je kunt konijnen zowel binnen als buiten huisvesten. Konijnen kunnen alleen niet goed tegen temperatuurverschillen. Konijnen die buiten verblijven, kun je daarom beter niet ’s winters opeens binnen zetten. Konijnen kunnen daar ziek van worden. Konijnen die buiten gewend zijn, ontwikkelen een wintervacht die hen goed beschermt tegen de vrieskou. Essentieel is wel een geschikt binnenverblijf (zie onder) waar de dieren kunnen schuilen tegen weersomstandigheden. Daarnaast is het belangrijk dat je konijnen zich lekker kunnen ingraven. Je kunt daartoe bijvoorbeeld een dikke laag stro in het hok leggen.

Buiten wonen

Het hok moet bestaan uit een binnen- en een buitenverblijf. Het binnenverblijf moet in ieder geval beschikken over een volledig wind- en waterdicht nachthok. Plaats het hok zo dat je dier goed beschutting kan zoeken tegen alle weersomstandigheden zoals wind, regen en zon. Konijnen vinden het fijn als hun hok meerdere uitgangen heeft (hebben konijnenholen ook altijd), want dan is er altijd een vluchtweg.

Voor het buitenverblijf kun je het beste een ren maken of een deel van je tuin afzetten. Het buitenverblijf moet bij voorkeur altijd vrij toegankelijk zijn. Konijnen hebben een natuurlijke behoefte om te graven. Daarom vinden ze het prettig als de ondergrond van het buitenverblijf gedeeltelijk uit zand bestaat. Zorg er wel voor dat je de graafruimte op circa 50 cm diep volledig met gaas afzet. Zo voorkom je dat je konijnen kunnen ontsnappen. Ook bescherm je hen zo tegen andere dieren die het verblijf willen binnendringen. Scherm je buitenverblijf ook van de bovenkant goed af. Roofvogels en andere dieren zouden jouw konijnen anders wel eens als een lekker hapje kunnen zien! Zorg ook dat hok en ren voldoende zijn afgeschermd tegen loerende blikken. Dit kan bij konijnen veel stress veroorzaken.

Hoe meer ruimte hoe beter. Het Landelijk InformatieCentrum Gezeldschapsdieren (LICG) adviseert voor twee dwergkonijnen in ieder geval minimaal een hok van 150 x 60 x 60 centimeter in combinatie met een ren van minstens 3 á 4 vierkante meter. En voor twee konijnen van 5 kilo een hok van minimaal 200 x 80 x 80 centimeter met een ren van minstens 5 vierkante meter. Het LICG wijst erop dat een konijn in het hok moet kunnen lopen en op zijn achterpoten moet kunnen staan. Als het verblijf te laag is, kunnen er op den duur ernstige vergroeiingen aan de ruggenwervels ontstaan. In de ren moet verder daadwerkelijk gerend kunnen worden.

Binnen wonen

Ook hier geldt: hoe meer ruimte hoe beter. Als je konijnen binnen wilt houden, mag het hok niet op de tocht, in de zon of bij een verwarming staan. Het LICG adviseert voor de grootte van een hok dat binnenshuis staat verder minimaal 150 x 80 cm voor twee dwergkonijnen, 200 x 80 cm voor twee konijnen van 2 kilo, voor konijnen van 2,5 tot 5 kilo een oppervlak van 0,3 m2 per kilo lichaamsgewicht en voor konijnen zwaarder dan 5 kilo een oppervlak van 0,25 m2 per kilo lichaamsgewicht.

Je kunt hokken ook goed zelf maken of bijvoorbeeld een hok uit de dierenwinkel combineren met een ren die vrij toegankelijk is (deurtjes weghalen). Konijnen kunnen niet permanent in een hok gehuisvest worden!

Welke voorzieningen zijn nodig in het hok?

In het binnen(nacht)hok kun je de bodem bedekken met bij voorkeur organisch materiaal met een laag hooi, eventueel met een bedding van stro. Zaagsel en kranten zijn minder geschikt, omdat ze snel doorweekt raken en geen urinegeur opnemen. Zaagsel bevat ook toxische stoffen.

Konijnen zijn prooidieren. Daarom vinden ze het prettig als ze ergens kunnen schuilen. Dit is ook belangrijk. In het hok kun je daartoe bijvoorbeeld een aantal kartonnen doosjes neerzetten met twee gaten erin. De dieren kunnen er dan inkruipen. De ren kun je voorzien van tunnels of schuilhokjes. Konijnen houden ook erg van spelen. Voorzie het hok daarom van speelgerei.

Konijnen zullen meestal steeds in hetzelfde deel van het hok hun behoeften doen. Om schoonmaken te vergemakkelijken, zou je daar een toiletbak kunnen neerzetten. Die kun je kopen in de speciaalzaak.  De bodem van de toiletbak kun je bedekken met organische kattenbakkorrels (geperste korrels van natuurlijk materiaal) die uiteenvallen als ze nat worden, met wat stro of hooi erop. Gebruik geen kattengrit, en zeker nooit de klontvormende soort! Dit kan gevaarlijk zijn. Zorg verder dat je de toiletbak regelmatig leegt. Je konijn zal dan eerder geneigd zijn hem ook als toilet te blijven gebruiken.

Belangrijk!

Het is belangrijk dat konijnen een groot deel van de dag vrij los kunnen lopen. Gebrek aan beweging kan zorgen voor overgewicht, een slechte conditie en het niet goed ontwikkelen van de spieren. Te weinig beweging kan ook darmproblemen veroorzaken. Maak de omgeving wel konijnproof. Het blijven tenslotte fervente knabbelaars die zomaar ergens hun tanden in kunnen zetten. Zorg daarom dat je geen dingen laat rondslingeren en bijvoorbeeld (elektriciteits)kabels hebt weggewerkt. Zo voorkom je nare ongelukken. Denk ook aan giftige planten! Zet je boeken, cd’s en plastic spullen buiten bereik enz.