Zitstokken
  1. Zitstokken zijn essentieel. Neem minimaal twee verschillende, in een volière meerdere.
  2. Bevestig de zitstokken zo ver mogelijk uit elkaar, maar wel zo dat de vogels erop kunnen zitten zonder dat hun staart de tralies raakt.
  3. Bevestig de zitstokken op verschillende hoogtes.
  4. Plaats zitstokken niet vlak boven de voer-/waterbakjes, zodat deze niet worden bevuild door ontlasting.
  5. Kies voor zitstokken van hout, niet van plastic. Hout helpt om de nagels en snavel van de vogels op een natuurlijke manier te laten slijten. Mooie zitstokken kun je bijvoorbeeld maken van knotwilgtakken of onbespoten fruitboomtakken.
  6. Zorg ervoor dat de zitstokken een verschillende doorsnede hebben. Dit stimuleert een goede houding en de ontwikkeling van de pootspieren. Neem niet te dunne stokjes. De tenen mogen de zitstok voor ongeveer tweederde deel omklemmen.
Voldoende afleiding

Grasparkieten, parkieten en papegaaien zijn intelligente en sociale dieren. Behalve het gezelschap van een soortgenootje hebben ze ook voldoende afleiding nodig om verveling te voorkomen. Je kunt bijvoorbeeld denken aan onderstaande mogelijkheden en deze combineren.

  1. Verse takken die de vogels kunnen slopen of schillen. In de natuur zijn de dieren ook constant bezig met hun snavels. Wilgentakken of takken van onbespoten fruitbomen zijn zeer geschikt.
  2. Voorzie de kooi van speeltjes. Geschikte speeltjes kun je kopen in de dierenspeciaalzaak. Je kunt denken aan schommeltjes, balletjes, touw, laddertjes etc. Zorg voor voldoende afwisseling. Speeltjes waarbij de diertjes hun snavel gebruiken, zijn erg belangrijk. Pas in volières op met spulletjes van metaal. Bij vorst kunnen de vogels hieraan vast vriezen.
  3. Creëer genoeg mogelijkheden om te klimmen. Je kunt bijvoorbeeld denken aan houten trappetjes.
  4. Biedt voer niet steeds zomaar aan. Koop bijvoorbeeld speciale fourageerspeeltjes. Dit zijn speeltjes waarin je voedsel kunt verstoppen. Je kunt dit speelgoed ook zelf maken, bijvoorbeeld van hout. De vogels moeten zo moeite doen om bij het voer te komen. Dit houdt ze bezig net als in de natuur.
  5. Bijna alle vogels houden ervan om te badderen. Biedt de dieren daarom een badgelegenheid. Doe dit bij voorkeur niet ’s avonds, zodat de vogels in ieder geval droog zijn bij het slapen gaan. Let er bovendien in een volière op dat het water in de winter niet bevriest. Vogels kunnen in het water in slaap vallen en vast vriezen.
  6. En last but not least: haal de vogels regelmatig uit hun kooi voor extra beweging. Dit is essentieel voor zowel hun lichamelijke als hun geestelijke gesteldheid. Zorg uiteraard wel voor een veilige omgeving. Houdt rekening met andere huisdieren, werk snoeren weg, laat geen kaarsen of open haard branden en zorg dat er geen giftige planten in je huis staan.

Biedt de vogels altijd voldoende afleiding. Geef ze steeds nieuwe dingen om te onderzoeken. Koop regelmatig nieuwe speeltjes. Verveling kan leiden tot frustratie en probleemgedrag zoals bijvoorbeeld apathie, kaalplukken of agressie.

Voer- en drinkbakjes

Zorg in de kooi voor minstens één voer- en drinkbakje. Een drinkflesje kan ook. Dit bevordert dat het drinkwater vrij blijft van bacteriën en voorkomt dat er ontlasting in het water kan vallen. Als je een waterbakje neemt, verschoon dit dan dagelijks. Stilstaand / open water is een bron van bacteriën waar vogels erg ziek van kunnen worden. Ververs water elke dag.

Bodembedekking

De bodem kan worden bedekt met maïskorrels of stuifvrije kattenbakkorrels met daarboven stukjes beukenhout of zeoliet. De bodem kan zo goed vocht absorberen wat bacterievorming voorkomt. Schelpenzand wordt ook vaak gebruikt, maar dit geeft veel stof wat nadelige gevolgen kan hebben voor de luchtwegen van de vogels. Ook kunnen vogels geneigd zijn het zand te eten. Wij zouden schelpenzand daarom niet adviseren. Gebruik tot slot geen zaagsel of houtkrullen. Dit geeft risico op schimmelinfecties.