Knuffelfarms

Voor toeristen in zuidelijk Afrika is het vaak een leuke attractie: knuffelen met welpjes, of wandelen met jonge leeuwen. Ook als vrijwilliger kun je soms helpen bij de verzorging van de jonge dieren. Dit doe je in de veronderstelling dat het om verweesde, uit het wild opgevangen welpjes gaat die, eenmaal opgegroeid, een goede bestemming zullen krijgen. Maar helaas, achter deze vermeende diervriendelijke gang van zaken schuilt een heel andere realiteit. Een realiteit die juist veel dierenleed veroorzaakt.

Leeuwenfokkerijen

Het blijkt dat in werkelijkheid de meeste van deze welpjes in gevangenschap worden gefokt. Kort na de geboorte worden ze bij hun moeder weggehaald, wat voor beiden bijzonder stressvol en traumatisch is. De bedoeling is dat de leeuwin snel weer drachtig wordt, en de welpjes meteen inkomsten gaan opleveren, via de toeristen.

Als de leeuwtjes opgroeien, worden ze gevaarlijk en dus „onbruikbaar” voor knuffelen en wandelen. Er wacht hen verder een levenslange opsluiting. Zij kunnen namelijk niet succesvol worden uitgezet, omdat ze niet hebben geleerd hoe zelfstandig te overleven in het wild. Bovendien is er voor al deze leeuwen niet voldoende leefgebied beschikbaar.

Droevige eindbestemming

Bijzonder schrijnend is dat veel van deze dieren uiteindelijk terechtkomen in de canned hunting industrie. Bij deze vorm van jagen wordt een „wild” dier in een omheind gebied losgelaten en kan daar – tegen betaling van een fiks bedrag – afgeschoten worden door een jager. Het bejaagde dier, een leeuw is hiervoor vaak favoriet, kan niet ontsnappen en sterft een pijnlijke en eerloze dood. Op sommige plekken mag hierbij zelfs met pijl en boog worden geschoten.

Het hele traject lang, van geboorte tot dood, wordt de integriteit van de leeuw als machtig wild dier, intens veel geweld aangedaan.

Bedreigd

Om de populatie binnen een fokkerij gezond te houden, moeten er soms ook nieuwe welpjes uit het wild worden gehaald. Een troep leeuwen die hiertoe wordt overvallen, verliest bij zo’n actie behalve de welpjes ook vrijwel zeker meerdere volwassen dieren. Daarna duurt het vaak nog jaren voor deze troep weer in evenwicht en op sterkte is. Deze praktijk op zich is al vreselijk genoeg, maar het feit dat de leeuw in het wild met uitsterven wordt bedreigd, maakt het nog veel erger.

Alternatief

Gelukkig kun je in zuidelijk Afrika ook projecten en opvangcentra bezoeken die duidelijk wel op een verantwoorde manier werken. Zij zetten zich in voor de bescherming van wilde dieren in hun eigen leefgebied. Hierbij betrekken ze ook de lokale bevolking. Opgevangen dieren die niet meer uitgezet kunnen worden, functioneren hier mogelijk als ambassadeurs. Met hun aanwezigheid vragen ze aandacht voor de situatie van hun wilde soortgenoten.

Het is niet altijd makkelijk om als toerist of vrijwilliger goed onderscheid te maken tussen dit soort opvangcentra en de eerder beschreven commercieel opgezette knuffelfarms. Kenmerk van een knuffelfarm is dat er altijd nieuwe welpjes aanwezig zijn, beschikbaar voor interactie met toeristen. Hiermee adverteren deze bedrijven ook graag. Probeer een bezoek aan deze commerciële farms altijd te vermijden.

Voor meer informatie kun je kijken op www.knuffelfarms.nl, een website van Stichting SPOTS. Stichting SPOTS zet zich in voor de bedreigde wilde katachtigen.

Voorbeelden van verantwoorde projecten in zuidelijk Afrika vind je op www.stichtingspots.nl.

Tekst met dank aan: Stichting SPOTS